Fraude

Gepubliceerd op 8 februari 2020 om 20:53

Heb je de berichten gelezen over de miljoenenfraude bij de RUG? De beschuldigde hoogleraar, daar heb ik zo’n vijf jaar mee samengewerkt. 

 

Ik heb hem een beetje leren kennen. Als leidinggevende. Als mens. Iets te intelligent voor ons gewone mensen. Een beetje intimiderend, vond ik in het begin. Met zoveel kennis van de wereld en een woordenschat van hier tot Tokyo. Die snel en wat monotoon uit zijn mond komt rollen. 

 

Al gauw merkte ik dat hij een sympathieke weldoener is. Iemand die veel geeft om de mensen om hem heen. Iemand met humor en passie voor wat hij doet. Iemand met grote idealen, die te veel werkuren maakt. En daarom niet altijd de tijd (geduld!) heeft die nodig is om bij de RUG te kunnen werken.

 

Hij heeft in juridisch opzicht een fout gemaakt. Door de geldstromen anders te laten lopen dan zou moeten. Maar dus niet om in zijn eigen zak te steken hè.

 

Kijk, de RUG kan een ontzettend sloom en star instituut zijn. Zeker als het om financiën gaat. Dat zal iedereen die er werkt beamen. En de grote projecten waar hij aan werkte -het opleiden van internationale humanitaire wetenschappers en hulpverleners- zouden moeizaam tot stand gekomen zijn zonder een zekere mate van financiële vrijheid. Dus die creëerde hij. Niet volgens het boekje, nee. En het boekje is natuurlijk wel belangrijk in zo'n grote organisatie. 

 

Maar ik ben er van overtuigd dat iedere cent terecht is gekomen bij de opleiding en de wetenschap. Bij de internationaal geroemde projecten waar de RUG terecht mee te koop loopt. Daar waar het uiteindelijk moest zijn. 

 

De beschuldigingen van fraude hebben hem kapot gemaakt. Ontslag, burn-out, depressie, isolatie, beslaglegging op zijn bezittingen. Niet alleen hij, maar zijn hele gezin heeft er zwaar onder te lijden. Een man die zich 25 jaar lang kapot heeft gewerkt voor een organisatie die hem nu niet bij zijn inbox laat. Waardoor hij zijn onschuld niet kan bewijzen. Hij zou kunnen aantonen dat iedere cent naar de opleiding is gegaan, maar, hij is al veroordeeld voor zijn trial. De alarmbellen gingen terecht af bij de bestuurders, zeker, maar het fraudeprotocol werd al ingezet voordat de kwestie goed en wel onderzocht was.

 

Fraudeur, staat er nu achter zijn naam. Zijn internationale reputatie lijkt verwoest. De reputatie waarmee hij deuren opende voor jonge wetenschappers en hun idealen. De wereld valt over hem heen. Althans, zo zal het voelen. 

 

En het nieuws dat ik anders misschien wel klakkeloos aangenomen zou hebben, daar krijg ik nu een onbestemd gevoel bij. Het zijn opeens maar woorden, geschreven door iemand. Een journalist die het mis kan hebben. Een persvoorlichter die het halve verhaal maar kent. Een bestuurder die overhaast conclusies trekt.

 

Hij zal er in professioneel opzicht weinig aan hebben, maar toch wil ik de lucht in sturen dat ik hem vertrouw. Gewoon als mens. Dat ik hem geloof. Dat ik snap dat we meer zijn dan de immense bureaucratische, patriarchale instituten van onze samenleving. Dat we mensen zijn die fouten maken. Die misschien helemaal niet zo kwaad bedoeld waren. En dat hij dit, wat hem nu overkomt, niet verdiend heeft. Dat ik weet dat hij een goed mens is.

 

Ik stuur hem moed en sterkte en vertrouwen. De moed om het oké te vinden om even helemaal uit elkaar te vallen. Dat is soms nodig. Zodat je jezelf daarna met zoveel meer begrip van het leven weer in elkaar kan zetten. 

 

Want als ik heel erg uitzoom en er van een afstandje naar kijk. Dan denk ik een beetje brutaal: misschien he, misschien moest hij zich wel even helemaal losmaken van alles. En misschien was zo'n helse breuk wel de enige manier om hem een ander pad op te krijgen. Of misschien zorgt deze crisis wel voor broodnodige veranderingen bij de RUG .

 

Want voorafgaand aan verandering, is het op zijn minst eerst ontzettend oncomfortabel. Zodat we in beweging komen. Zodat we niet langer slapend mee kúnnen draaien in oude systemen. Het moet eerst onhoudbaar worden. Zodat we geforceerd worden om het anders te doen. Om te groeien.

 

Maar misschien projecteer ik. Want zo voelt mijn ziek-zijn. Iets wat mijn allergrootste nachtmerrie was, is een zegen aan het worden. Het maakt de weg vrij voor een verandering van koers. Het opent me de ogen voor welke versies van mij er nog meer bestaan. Ja, het is soms moeilijk, maar ik geloof nu dat onze ontberingen uiteindelijk vóór ons werken. Ook al voelt dat in het moment vaak niet zo. 

 

En misschien heb ik het wel helemaal mis. Zoals ook een journalist of wetenschapper het mis kan hebben. Dat kan absoluut. Maar als het om andere mensen gaat, weten we toch eigenlijk niks écht zéker? En daarom mogen we wel wat meer vertrouwen hebben in onze eigen intuïtie. Meer dan in de woorden en conclusies van een ander. Want je eigen intuïtie niet vertrouwen, eigenlijk is dat pas fraude.

 

 


«   »

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.